Voorkomen van pesten op school

Onze school moet een veilige plek zijn voor alle leerlingen. We streven er naar dat alle leerlingen dagelijks met plezier naar school gaan.

Vanaf het schooljaar 2019-2020 werken wij in alle groepen wekelijks met ‘Leefstijl’, een methode voor sociaal-emotionele ontwikkeling. Om de kinderen zo goed mogelijk te kunnen begeleiden met deze nieuwe aanpak, zal het complete schoolteam meerdere studiedagen geschoold worden door een externe gedragsspecialist.

Door sociaal-emotioneel onderwijs hoge prioriteit te geven op onze school, maken wij onze kinderen bewust van de gevolgen van pestgedrag en uitsluiten van kinderen. Pest gedrag wordt niet getolereerd. Indien op onze school signalen van pestgedrag zijn, zullen we dit serieus en zo vroeg mogelijk aanpakken.

Rond de maanden oktober en februari van ieder schooljaar meten wij het sociaal-emotionele welbevinden van alle leerlingen met behulp van een vragenlijst. De kinderen van de bovenbouw vullen de vragenlijst zelf in. In het geval van de onderbouw vullen de leerkrachten een observatielijst in van alle kinderen. Leerkrachten houden ook individuele kindgesprekken die vaak nuttige informatie opleveren. Vervolgens analyseren we de uitkomsten met behulp van een computerprogramma. Indien er opvallende of zorgelijke signalen naar voren komen worden deze met ouders en het kind besproken en kijken we samen naar oplossingen en eventueel noodzakelijke interventies op groepsniveau.

Er is een pestprotocol op school aanwezig. Het protocol heeft als doel de aanpak van eventueel beginnend pestgedrag, vroegtijdig en op een eenduidige, efficiënte manier aan te pakken. Een pestprotocol alleen is niet voldoende. Het is beter om het onderwerp regelmatig aan de orde te laten komen in de klas en leerlingen bewust te maken van de gevolgen van pesten.  Zo proberen we eventuele problemen voor te zijn en dus preventief te werken.

Bij aanvang van het schooljaar maken we duidelijke afspraken met de kinderen. Het afspreken van heldere gedragsregels is effectief en werkt een goed pedagogisch klimaat in de hand. De regels die gelden in alle groepen zijn o.a.:

  1. We doen niets bij een ander, wat wij zelf ook niet prettig zouden vinden.
  2. We komen niet aan een ander als diegene dat niet wil.
  3. We noemen elkaar bij de voornaam en gebruiken geen scheldwoorden.
  4. We vertellen de meester of de juf wanneer we gepest worden.
  5. Word je gepest, dan praten we er thuis over. We houden het niet alleen voor onszelf!
  6. Uitlachen, roddelen, discrimineren of kinderen buiten sluiten tolereren we niet.
  7. We zitten niet aan elkaar spullen.
  8. We beoordelen elkaar niet op het uiterlijk.
  9. Opzettelijk iemand pijn doen, opwachten buiten school of achterna zitten om te pesten is beslist niet toegestaan.
  10. We proberen een ruzie altijd met praten op te lossen. Na het uitpraten kunnen we ook weer vergeven en vergeten.

Deze regels gelden op school en directe omgeving.

Al deze regels worden aan iedere groep aangeboden en worden ook regelmatig besproken in de klas. In ieder lokaal zijn deze regels goed zichtbaar opgehangen.

Mocht er, ondanks deze regels en het regelmatig bespreken van aan pesten gerelateerde onderwerpen, toch pestgedrag worden gesignaleerd, dan zal de school de volgende maatregelen kunnen nemen.
Deze zijn opgebouwd in fasen:
Fase 1: Indien er sprake is van incidenteel pestgedrag wordt dat met de betrokken kinderen besproken door de leerkracht om het probleem aan te pakken.
Fase 2: Indien er sprake is van herhaald pestgedrag, worden de ouders van de pester in het bijzijn van de pester op de hoogte gesteld van de ongewenste gebeurtenissen in een gesprek op school.
Fase 3: Indien het probleem zich toch blijft herhalen, meldt de leerkracht dit aan de directeur van de school. Ook kan de vertrouwenspersoon op school worden ingeschakeld.
Fase 4: De directeur nodigt de ouders uit op school voor een gesprek.
Fase 5: Indien het gedrag van de pester niet verbetert- en/of de ouders van het kind werken onvoldoende mee om het probleem ook aan te pakken, kan de directeur van de school overgaan tot sancties.

Indien pestgedrag zich heeft voorgedaan begeleiden wij de gepeste leerling. Ook de zwijgende middengroep wordt betrokken bij de aanpak van het probleem. De pester zal ook worden begeleid, om herhaling te voorkomen.

Tenslotte; op school gelden de regels van school en niet de regels van thuis.