Voorkomen van pesten op school

De school moet een veilige plek zijn, waar alle leerlingen dagelijks met plezier naar toe gaan.

In alle groepen werken wij elke week met ‘Leefstijl’, een methode voor sociaal-emotionele ontwikkeling.

Door sociaal-emotioneel onderwijs hoge prioriteit te geven op onze school, maken wij onze leerlingen o.a. bewust van de gevolgen van pestgedrag en het uitsluiten van kinderen. Pesten wordt niet getolereerd op school. Indien er signalen van pestgedrag zijn, nemen we dit zeer serieus en pakken we dit zo vroeg mogelijk aan. Hierbij volgen we de stappen zoals beschreven in ons pestprotocol. Het pestprotocol heeft als doel de aanpak van beginnend pestgedrag, vroegtijdig en op een eenduidige, efficiënte manier aan te pakken.

Bij de aanpak van pestgedrag op school richten we ons niet alleen op de pestende leerling, maar ook op de zwijgende middengroep of op kinderen die de pester mogelijk aanmoedigen.

Een pestprotocol alleen is niet voldoende. Het is beter om het onderwerp regelmatig aan de orde te laten komen in de klas en leerlingen bewust te maken van de gevolgen van pesten.  Zo proberen we eventuele problemen voor te zijn en dus preventief te werken.

In de maanden oktober en februari van ieder schooljaar meten wij het sociaal-emotionele welbevinden van alle leerlingen met behulp van een vragenlijst. De kinderen van de bovenbouw vullen de vragenlijst zelf in. In het geval van de onderbouw vullen de leerkrachten een observatielijst in van alle kinderen in hun groep. Leerkrachten houden ook individuele kindgesprekken die vaak nuttige informatie opleveren. Vervolgens analyseren we de uitkomsten met behulp van een computerprogramma. Indien er opvallende of zorgelijke signalen naar voren komen worden deze met ouders en het kind besproken en kijken we samen naar oplossingen en eventueel noodzakelijke interventies op groepsniveau.

Bij aanvang van het schooljaar maken we duidelijke afspraken met de kinderen. Het afspreken van heldere gedragsregels is effectief en werkt een goed pedagogisch klimaat in de hand. De regels die gelden in alle groepen zijn o.a.:

  1. We doen niets bij een ander, wat wij zelf ook niet prettig zouden vinden.
  2. We komen niet aan een ander als diegene dat niet wil.
  3. We noemen elkaar bij de voornaam en gebruiken geen scheldwoorden.
  4. We vertellen de meester of de juf wanneer we gepest worden.
  5. Word je gepest, dan praten we er thuis over. We houden het niet alleen voor onszelf!
  6. Uitlachen, roddelen, discrimineren of kinderen buiten sluiten tolereren we niet.
  7. We zitten niet aan elkaar spullen.
  8. We beoordelen elkaar niet op het uiterlijk.
  9. Opzettelijk iemand pijn doen, opwachten buiten school of achterna zitten om te pesten is beslist niet toegestaan.
  10. We proberen een ruzie altijd met praten op te lossen. Na het uitpraten kunnen we ook weer vergeven en vergeten.

Deze regels gelden op school en directe omgeving.

Al deze regels worden aan iedere groep aangeboden en worden ook regelmatig besproken in de klas. In ieder lokaal zijn deze regels goed zichtbaar opgehangen.